Iedereen – ook volwassenen – heeft weleens een mindere nacht. Daar hoeven de alarmbellen niet meteen van af te gaan. Maar… het wordt anders als er een patroon ontstaat: veel spanning bij het slapengaan, onrust en/of gebroken nachten. Mijn ervaring is dat ouders dit soms te snel accepteren. “Het hoort er nu eenmaal bij,” hoor ik mensen soms zeggen.
Maar klopt dat wel?
👉 Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat ieder gezond kind vanaf 4 tot 6 maanden zelfstandig kan leren slapen. Soms gaat dat vanzelf, soms heeft een kind liefdevolle begeleiding nodig. En daar kom jij als ouder in beeld:
✔️ Geef je kind het gevoel van veiligheid.
✔️ Laat merken dat je er bent.
✔️ Maar ook: laat duidelijk zien dat slapen iets is wat je kind zelf mag doen.
Zo ontstaat een positieve slaapassociatie – en dat is goud waard. Als babyslaapcoach begeleid ik ouders hoe ze dit kunnen realiseren en zie dat ouders die ik begeleid vaak al na een paar nachten verandering merken in het slaapgedrag van hun kind.
Als ervaringsdeskundige weet ik echter ook dat het lastig kan zijn om bepaalde aanpak die een kind niet gewend is, aan te houden. Zeker als je de volgende dag moet werken. Juist daarom is deze periode waarin veel mensen thuis zijn dé kans om slaapproblemen aan te pakken.
💡 Wil jij weten hoe je dit liefdevol én effectief doet? Stuur me een bericht. Samen maken we van slapen weer iets fijns.
Liefs,
Mirthe